Overgave gaat niet over ‘doen’.

Overgave gaat niet over ‘doen’.

Je kunt overgave niet doen, het gaat juist over niet doen, over Zijn met dat wat Is.

Maar de vraag is dan, hoe ‘doe’ je het dan? Is dit eigenlijk wel een vraag die je kan stellen, want er lijkt een zekere contradictie in te zitten.

Overgave is een terugkeer naar je Innerlijk Zelf, naar de Stille Aanwezigheid, die er altijd is en was en is. De Innerlijke Ruimte van het Hart en het loslaten van de identificatie met het de persoonlijkheid.

Is dit dan een ‘doen’? Feitelijk niet, het is een opgeven van de gehechtheden aan de uiterlijke wereld, een ‘loskomen’ of ‘losmaken’ van dat wat je vanuit je persoonlijkheid als waardevol hebt geacht voor het verkrijgen van Liefde of geluk.

Het is een inzien dat daar niet je geluk of Liefde te vinden of te verkrijgen is. Het is een terugkeer naar dat wat je nooit verlaten hebt en altijd daar ‘wachtte’ in een soort stille ‘wacht’, zonder aandringen. Het was en is ‘daar’, feitelijk is het niet een ‘plaats’, maar vanuit de persoonlijkheid bezien is het de Stille Ruimte van het Hart, in het midden van het lichaam.

“Dit is een cursus in wonderen. Het is een verplichte cursus” (CIW.I.)

Ik moet aan deze eerste woorden van de cursus denken, als ik het over Overgave heb, omdat dit het zo treffend raakt. Als je in overgave leeft, dan voel en zie je steeds hoe wonderen je pad vergezellen, dat wat ooit ‘pijn’ was, wordt een wonderbaarlijk inzicht en blijdschap. Hier vanuit ga je zien dat pijn in feite uiteindelijk de oproep vormt om weer terug te keren naar Huis.

Het woord verplichte cursus roept bij de persoonlijkheid weerstand op, terwijl Jezus met deze woorden aangeeft dat iedereen hoe dan ook uiteindelijk terugkeert. Onontkoombaar wordt je uiteindelijk door het pijnlijke proces van het leven als geïdentificeerde persoonlijkheid opgeroepen  te gaan luisteren naar de stille innerlijke oproep van je Hart en kom je weer Thuis. Hierin zie je dat dit jouw Werkelijkheid is.

Bij overgave laat je de identificatie met de persoonlijkheid los.

In het egoproces ben je hardnekkig bezig om je geluk of liefde van buitenaf te verkrijgen, de belangrijkste items daarin zijn het zoeken van lichaamsgeneugten, zoals eten, drinken, seks en het hebben van (veel) geld en als belangrijkste item de zoektocht in en naar de speciale relatie, waarin de ander jouw het geluk of de liefde moet gaan geven, die je denkt ontbeert te hebben in je jeugd.

Op de een of andere manier is het voor de persoonlijkheid lastig om ‘te zien’ dat hij geen rol speelt of meer speelt als je vanuit je Hogere Zelf in overgave in het leven staat. Het wil nog steeds ‘zijn plaats’ niet opgeven en ‘denkt’ dat hij het ‘gedaan’ heeft of ’doet’. In mijn eigen ontwikkelingsweg zie ik dat dit item vooral speelde vanuit een oude zelfveroordeling die ik in deze incarnatie heb meegenomen, die te maken heeft met ‘mag ik er zijn’ en mijn behoefte een erkenning.

Nu kan ik zien dat deze oude pijn tevens de initiatie is voor de overgave aan het Hart. Het is deze basale vergissing die je brengt naar dat wat je in wezen bent, een eeuwig wezen van Liefde en die behoeft geen enkele bevestiging.

Je leeft als Liefde in de vorm en vanuit de vorm participeer je in het menselijk proces en kom je alle menselijke ‘problemen’ tegen. Het grote verschil daarin is dat je dit ‘aanschouwt’ vanuit een min of meer onthechte staat. Je laat je minder leiden door je vooroordelen. Ik zeg dit bewust zo, omdat ik zelf het gevoel heb dat ook overgave een proces is waar je steeds meer in ‘geoefend’ bent en wordt. Het is een ‘heen en weer’ gaan tussen ‘het oude ik’ en het leven vanuit het Hart, waarin je steeds meer bereid bent om oude vooroordelen los te laten en erom te glimlachen. Je hoeft niet heilig te worden, want dat ben je al.

Overgave heeft geen eindpunt.

Er is niet een punt of tijdstip waarop je kan zeggen Nu heb ik het bereikt, want dat Nu is Nu, we leven altijd al vanuit ons Hogere Zelf in verbinding met Liefde, dat is nooit weggeweest.

In ons incarnatieproces verbonden met de persoonlijkheid hebben we de indruk dat we ‘ergens’ naartoe moeten werken. Ooit, als ik dat heb bereikt ben ik gelukkig, maar dat ‘geluk’ enten we op uiterlijke omstandigheden.

Als we de ommekeer hebben gemaakt van leven vanuit onze Hart, vanuit Liefde, ga je zien dat er niets te ‘behalen valt’ en er geen ‘ergens’ is. Je leeft in die Ruimte, die Liefde is, deze oneindige Ruimte van geen begin en einde en tegelijkertijd verbonden in de vorm.

In dit proces van overgave kan het voorkomen dat je weer terugvalt in de identificatie met de vorm, de pijn  die dit met zich meebrengt kan steeds opnieuw een inspiratie vormen om terug te keren naar het in overgave ZIJN. De structuur van het karakter van de persoonlijkheid blijft in de vorm aanwezig en kan zich steeds opnieuw laten gelden. Deze oefening in overgave en loslaten en luisteren naar de Heilige Geest in ons, blijft ons vergezellen op weg naar de totale vereenzelviging met de Liefde. Want de laatste stap zet God. Wees mild hierin en glimlach hierover, want dat is wat Liefde is en ‘doet’. Altijd aanwezig en nooit weggeweest.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.